Een extra lente door Irene en Jos Verweij
Nu we beiden gepensioneerd zijn en de “koude “ maanden in Nederland wilden ontlopen besloten we om,
in navolging van talloze landgenoten, in het verre zuiden een vroege, hopelijk warme,
extra lente te gaan zoeken.Het vertrek werd gepland voor 23 februari en de
achterblijvende familieleden beloofden
we dat we begin mei weer thuis zouden zijn dus een reisduur van ongeveer 2
maanden.
Voorbereiding en route
Als eerste kwam
natuurlijk het reisklaar maken van de kampeerauto. De technische en mechanische
kant wordt het hele jaar door goed in de gaten gehouden en onderhouden maar er
zijn andere zaken, die op een vacantie en zeker een wat langere heel belangrijk
zijn. Niet alleen met al die specifieke, niet te missen echte hollandse zaken
en dan bedoelen we niet de fameuze aardappelen, die iedere nederlandse caravan
of camper mee schijnt te zeulen maar zoute/zoete drop, Hema gekookte worst,
pindasaus en meer van die in het buitenland
moeilijk verkrijgbare zaken. In het prille voorjaar kan het ook in het
zuiden van Spanje of Portugal nog aardig koud zijn zodat het gebruik van de
kachel vaak nodig is. Dus extra gasverbruik uit flessen waarvan
het bijna 100% zeker is dat die in Spanje niet gevuld kunnen worden en in
Portugal maar heel moeizaam. Bij onze gasflessenleverancier, de fietsenmaker,
werd dus een extra 11kg fles gas gehaald buiten de 2 volle flessen, die al in
de gaskast gesjord stonden. Ook werd de route bekeken en besproken, veel
overwinteraars gaan Spanje binnen aan de Atlantische kust, bij San Sebastian.
Dat zijn de reizigers, die zo snel mogelijk naar het zuiden van Portugal willen
of naar het zuiden van Spanje en dan
over de snelwegen langs Madrid. Maar ook is er een groep rijders, die via San
Sebastian naar Pamplona vervolgens naar
Zaragoza en dan de Middellandse zeekust
bij Vinaros bereiken of nog zuidelijker de kust eerst zien in de buurt van
Valencia. Het voordeel van deze veelbereden routes is dat ze tolgeldvrij zijn en
er ook geopende campings te vinden zijn
Wij wilden langs een andere route en besloten om dwars door Frankrijk
naar de Middellandse Zeekust te rijden
en dan bij Le Perthus de Spaanse grens te passeren om vervolgens zoveel
mogelijk langs de kust rijdend op N-wegen naar de Algarve te gaan.
Frankrijk
Frankrijk is ook
zonder gebruik van de dure tolwegen goed te doorkruisen, wij reden via Brussel, Mons, Reims, Epernay, Sézanne,
Sens, Auxerre, Nevers naar Clermont-Ferrand en over de gratis snelweg E11 naar het zuiden,en daarna via Bezier,
Narbonne en Perpignan naar de Spaans/Franse grens. We vertrokken met koud en
regenachtig weer uit een grijs, vaalgroen Holland. Na 2,5 dagen rijden kwamen
we aan bij de Middellandse zeekust en vonden een parkeerplaats in Leucate,
langs een van de ”L’Etangs”, de binnenmeren, waar al een kleine internationale
kolonie windsurfers in hun campers woonden.En warempel toen we de blauwe
Middellandse Zee zagen ging de zon schijnen en werd het een aangename
temperatuur waar we onmiddellijk van genoten door buiten te gaan zitten. Hier
wilden we wel een paar dagen blijven. Maar helaas de volgende morgen was het
weer omgeslagen en reden we met regen en wind weer verder op onze tocht naar de
zon.
Toch hadden we gedurende onze rit door Frankrijk al een hele
verandering gezien.Vertrokken we uit een winters Nederland met kale bruine akkers en nog nauwelijks
groenende bomen, in het zuiden was het koren al aan het groeien en stonden veel
bomen en struiken al in blad en
sommige zelfs al in bloei. En die halve dag in Leucate, toen de zon scheen was
het zelfs lekker warm en konden we heerlijk zonder trui of jas in de zon
zitten.
Wat ons ook opviel was dat in veel plaatsen langs de door
ons genomen routein dorpen en steden spandoeken en borden duidelijk zichtbaar
waren aangebracht waarop aangegeven werd dat de plaatselijke camping geopend
was.
Spanje
Na de passage van de Spaanse grens ( wat zien al die
grensposten er sinds Schengen, verwaarloosd en armoedig uit ) namen we toch
maar de tolweg naar Barcelona. Ten eerste is de Costa Brava met wind en regen
weinig aantrekkelijk en ten tweede is het doorkruisen van grote drukke steden
nu niet meteen onze lievelingsbezigheid en via de helaas niet-gratis rondweg
een stuk eenvoudiger.
Aan de Spaanse kust waren wij al een jaar of 25 niet meer
geweest en de veranderingen waren verbazingwekkend, de gehele kust van noord
tot zuid lijkt het wel één grote bouwplaats en
van enig respect voor de natuur door de ontwikkelaars/investeerders is
jammer genoeg maar weinig te bespeuren.Slechts in enkele plaatsen is tijdens
het bouwen rekening gehouden met de
natuurlijke kustlijn Plaatsen, die ik me herinnerde als kleine
familie-badplaatsen met wat pensions waren uitgegroeid tot steden met 100.000
of meer inwoners en indrukwekkende bedrijventerreinen. Natuurlijk allemaal met
een fraaie, luxe boulevard, als het waar is wat ik hoorde dat al die promenades
voor een groot deel door de Europesche Unie betaald zijn, dan zijn alleen
daaraan al kapitalen aan europees
belastinggeld besteed.
Benidorm
In Peniscola kregen we van kennissen een Nederlands tijdschrift “Hallo” uitgegeven aan de Costa Blanca voor
de daar wonende Nederlanders. Dat was een mazzeltje want dezelfde avond bleek
dat het in onze waterleiding ingebouwde
drukvat lekte en dringend vervangen
moest worden . In “Hallo” stond het
adres van een onderdelenwinkel, in Benidorm tegenover de camping “El Raco”.
Benidorm was niet al te ver weg en stond toch al op de lijst te bezoeken
plaatsen. Toen we in Benidorm een plaatsje zochten op camping “El Raco”,
na eerst buiten de poort in de goot onze drinkwatertank geleegd te hebben, waren
we verbaasd over het grote aantal
kampeerauto’s, dat hier de wintermaanden doorbracht. De camping was bomvol en het plekje dat we na veel gemanoeuvreer bezetten was
een zogenaamde wachtplaats, alleen schaduw en zonder stroomaansluiting. De
drukregelaar werd snel vervangen en nadat de watertank weer opgevuld was,
getest. Alles werkte weer, lekkage verholpen, jammer alleen dat onze watertank
nu gevuld was met water met een duidelijke chloorlucht en smaak.
De volgende dag ging de reis weer verder, eerst werd buiten
de campingpoort de kampeerauto geparkeerd en hebben we op de fiets Benidorm
verkend. Wij hadden er ons nooit een voorstelling van gemaakt, hoe geweldig
druk het in die echte overwinteraarssteden kan zijn. En een verbazingwekkende
hoeveelheid winkels, restaurants, cafetaria’s, terrassen en natuurlijk de
daarbij behorende auto’s. We bekeken het met verbazing, kochten een krant, laadden
de fietsen weer op en verdwenen over de
N332 richting Alicante. Tijdens onze fietstocht door Benidorm was het droog en
zonnig geweest maar nu, zoals tot nu toe steeds tijdens de middag draaide de
wind weer naar zee, werd koud en na een uurtje begon het te regenen.
We reden weer verder, verbaasden
ons over de ontzagwekkende hoeveelheid en oppervlakte van de plastic
groentenkassen en warenhuizen, waaraan geen einde scheen te willen komen. Soms,
als de weg wat hoger liep en je omlaag het dal in keek, leek het wel alsof je
langs een binnenmeer reed, dan schitterde het plastic net als het water van een
rustige zee.Maar bij Almerimar waren de kassen bijna op.Bij het grote blauwe
hotel stonden op een reusachtige parkeerplaats wel een 100 tot 120 kampeerauto’s troosteloos bij elkaar. Het weer was nog steeds slecht, koude wind
en regen. We besloten van de kust af te
gaan en naar Granada te rijden en daar het Alhambra te bezoeken, een cultureel
uitstapje hoort er nu eenmaal bij.Bij Motril namen we de nieuwe snelweg
E902/N323 en reden we richting Granada. Volgens onze splinternieuwe
Spaanse kaart zouden we afslag 126 moeten nemen om dan bij een strategisch
gelegen stadscamping uit te komen.Afslag 128, 127 en toen opeens 125 geen 126
en razend druk verkeer want het was vrijdagmiddag, Het risico om te gaan dwalen
leek ons te groot dus bleven we maar op de rondweg en namen ons voor om dan op
de terugweg Granada zeker te zullen bezoeken. Een heel eind verder langs de A92
vonden we in Fuente de Piedra een camping en keken naar de flamingo’s . Rond
het meer van de roze flamingo’s is goed te fietsen, de camping heeft echter
maar een zeer beperkt aantal plaatsen waar een camper enigszins vlak neergezet
kan worden maar er wordt aan een verdrievoudiging van de grootte gewerkt en zo
te zien zal de uitbreiding beter geschikt zijn om kampeerauto’s op te nemen.
Een zwembad en restaurant is ook
voorhanden. Ergens had iemand ons verteld over het dorpje “El Rocio” een paradijs voor
paardenliefhebbers maar ook een bedevaartplaats. El Rocio bleek een dorp te
zijn zonder verharde straten en wegen, overal zandpaden en elk huis is voorzien
van palen om paarden aan vast te binden. Ook
is er een meert aanwezig met flamingo’s en ander gevogelte. Het heeft
veel weg van een dorp uit het Wilde Westen. De bedevaartskerk is fraai versierd
en voorzien van memento’s en op zondag is het een waar genoegen om de
kerkgangers voorbij te zien komen, sommigen te paard in fraaie andalucische klederdracht en anderen te voet maar op cowboy-laarzen en
ook in prachtige kleding. Bij de kerk, naast het meer, is betaald parkeren
verplicht ( € 1,0 ) maar daarvoor mag je ook de hele dag/nacht blijven staan.El
Rocio ligt aan de rand van een groot natuurpark,”Parque Nacional de Donana” en
is te bereiken door vanaf de A472 of de A49 de A483 te nemen, In Almonte
passert u kleine winkels en stalletjes met de specialiteiten van de streek
zoals vroege aardbeien, honing, wijnen en
zuidvruchten. Na El Rocio reden we verder naar het zuiden in de richting
van Huelva. Deze kuststreek is vlak met veel pijnbomenbossen en heeft echte fietspaden en lijkt wel wat op onze
duinenkust. In Huelva staken we de rivier over en reden naar Punta Umbria,
langs een moerassig gebied met talloze watervogels.
Portugal
Volgens de door ons dagelijks beluisterde weerman van Radio
Wereldomroep zou het nu dan eindelijk eens beter weer gaan worden, er zouden
wat warme lentedagen op til zijn in Zuid-Europa en daar we nog wat afspraken
hadden lopen in Portugal, aan de Algarve, besloten we om nu de
Spaans/Portugese grens maar eens te passeren.
Eerst nog even naar Isla Christina om de ” Lidl “ en een
aangrenzende supermarkt te bezoeken want ons was verteld dat alles in
Portugal 30% duurder dan in Spanje
zou zijn.
Onder een stralende zon reden we over de grote brug over de
Guadiana, de grensrivier, Portugal binnen.
Jammer, dat ook aan de Algarve het weerbericht niet helemaal
klopte, maar gelukkig viel de meeste regen ’s nachts. Maar de
lente was er wel, in Spanje was al
steeds meer groen en bloesem te zien , in Portugal stonden de walnootbomen en
de mimosa in volle bloei en ook de
welbekende “zonneroosjes” bedekten de berghellingen. We maakten een paar maal
de rit langs de grensrivier de ” Guadiana” naar het noorden, naar Beja en Serpa
en passeerden dan de plaatsen Alcoutim, Mertola en Sao Domingos. Ieder van deze
plaatsen is het stoppen en bezichtigen meer dan waard en ook heeft elk van deze
steden een redelijke camping. Beja en Serpa zijn interessante kleine steden met
veel oude zaken en vooral Serpa is een bezoek waard. Het heeft niet alleen een
moorse geschiedenis maar al eerder hebben de romeinen en de grieken hier
gewoond. In Serpa is een camping municipal met prachtig sanitair van marmer en de ligging van de camping
is op loopafstand van het oude centrum met markthal en een grote
moderne supermarkt op loopafstand.
Wij brachten in Serpa de Paasdagen door en genoten van de
processies, de optochten, het volksdansen en het vuurwerk .Ook bezochten wij een
eenvoudige arena, gevormd door boerenwagens waarbinnen “helden” hun moed konden
bewijzen door met jonge koeien en stieren te stoeien, de beesten aan hun staart
te trekken en dan te proberen Ben Hur na te apen en de beesten af te stoppen en
tegen de grond te worstelen. Bloed vloeide er niet maar bier des te
meer.
Na de Paasdagen trokken we weer naar het zuiden en bezochten
de bekende plaatsen, kochten zoete dikke wijn in Faro bij de “groene deuren”,
bij het grote parkeerterrein waar het overnachten voor één nacht is toegestaan,
aten “platte kip”met piri-piri saus in
Querteira, kochten en roosterden zelf diverse malen de “sardinhas” in Olhao en
hadden met andere camperaars in Cabanas en Lagos diepgaande gesprekken over
politiek en andere, in Portugal, ver-van -mijn-bed lijkende zaken. Zaten en
lagen aan het strand van Monte Gordo en kochten handdoeken in Villa Real de San
Antonio. We bezochten markten en museums, snuffelden in antiekwinkels en
galarijen, dronken koffie in strandtentjes en aten in grote en kleine
restaurants.We fietsen met vrienden door sinasappelboomgaarden ontdekten
talloze met tegels versierde huizen en genoten van het prachtige portugese
binnenland. Kortom we amuseerden ons kostelijk ook al omdat het weer de laatste
weken van April nu echt zo warm en zonnig was geworden als in de folders altijd
wordt getoond. Toch kregen we nog een keer pech. Opeens bleek onze
huishoudaccu leeg te zijn terwijl ons
op het dak bevestigde zonnepaneel ons
dagelijks verbruik toch tot dan toe goed had weten te compenseren en we geen uitzonderlijke elektrische apparaten
hadden gebruikt. Doormeten gaf aan dat er
iets met het zonnepaneel aan de hand moest zijn, de geleverde stroom had
maar een voltage van 8V in plaats van ca 17/18V. In Aljezur, ver in het westen
van de Algarve, is een zonne-energie installatiebedrijf gevestigd. Wij reden
erheen en de monteur bevestigde onze eigen metingen, zonnepaneel kapot en niet
te repareren.In een uurtje werd een nieuw paneel geïnstalleerd en de accu bruiste dagelijks weer van de energie.
In Portugal valt alles wat met energiebesparing te maken
heeft onder het lage BTW-tarief ( 12%). ( Men kent 3 tarieve) Ik betaalde voor
een paneel van 75Watt, geïnstalleerd met alles erop en eraan € 560,-.Taalproblemen waren er niet, de eigenaar
sprak perfect engels en bleek na scherp de uitspraak beluisterd te hebben uit
Duitsland te stammen. Na terugkeer in
Nederland bleek het defecte zonnepaneel
uit een serie zonnepanelen met fabricagefouten te komen en werd door de
fabriek via de leverancier Transsolar te Heiloo vervangen zodat we nu
door twee panelen een extra gevulde accu hebben.
Terugweg
We besloten door de Alentejo of Extramadura, een wild en
ruig gebied maar met goede wegen, terug te rijden. Langs de Guadiana weer omhoog naar Serpa, dan naar Mourao, Badajoz
,Cáceres, Plasencia, Salamanca, Valladolid en Burgos. Bij
Vitoria reden wij richting Pamplona , bij Irurtzun de nieuwe snelweg A 15 naar
San Sebastian. Daarna de N 10 naar de Franse grens bij St.Jean de Luz. In heel
Portugal en Spanje genoten wij van de prachtige natuur, jammer dat na de
passage van Burgos de warme lente voorbij was en het weer regenachtig en koud
winderig werd. De franse passage was ook niet uitnodigend tot een langer verblijf.
Uiteindelijk reden we Nederland binnen in een hoosbui.
We verbruikten 2,5 fles gas dus waren blij met de extra
fles, die we mee hadden genomen.Een van de oorzaken van het verbruik was het
feit dat we ook op campings de koelkast op gas zetten en zo geen dure stroom
uit de “paal”gebruikten.Want zeker de stroomprijzen zijn de pan uitgerezen.
Inderdaad bleken in
Portugal met de invoer van de Euro de
prijzen stevig gestegen te zijn, hier en daar leek het wel of men gemakshalve
maar alleen het escudoteken vervangen had door de €. De prijsstijging is ook
een gevolg van het feit dat de regering de directe belastingen, dus BTW enzo,
de laatste jaren stevig verhoogd heeft om het tekort van de schatkist te
beperken en zo mee te mogen doen aan de EMU.
We betaalden € 648 aan diesel en legden 7345 kilometer af.
Gebruikte kaarten
ANWB-routekaarten Frankrijk, Spanje en Portugal.
ANWB Wegenatlas Frankrijk incl. België en Luxemburg
Michelin Nr.998 France Nord,
Nr.989 France, Nr 990 Spain/Portugal
Marco Polo. Costa
Brava/Andorra/Perpignan/Barcelona
Michelin Nr.445 Centraal en
Oost Spanje, Nr.446 Andalucië/Costa del Sol
ANWB/Kümmerly+Frey Portugal
Gebruikte Boeken
Guia de Parques de Campismo
Camping Portugal
Cook ‘s Portugal. Algarve
Marco Polo. Portugal
ANWB/Extra. Algarve
Uitgeverij Mingus : Ontdek landelijk Portugal
Pro Mobil Toerenbuch Frankreich
ACSI-Internationale Campinggids
2
ANWB-media Gouden
Serie : Franse Middellandse-Zeekust