Bretagne in de zomer                                       Tekst door Jos Verweij

 

We waren al diverse malen in Bretagne in het voorjaar en in de herfst maar bezochten het land van de Bretonnen nog nooit in de zomer.

Zouden de vrije plaatsen, de GOP’s overvol zijn? Waren de vrije parkeerplaatsen wel beschikbaar, wij gingen voor u kijken en schreven het volgende verslag.

 

De eerste reisdag ( een zaterdag ) kwamen we tot de Franse Kanaalkust en vonden na enig zoeken een overnachtingsplek in Veulettes sur Mer. 

We waren de Belgische grens bij Antwerpen gepasseerd, de Franse bij Lille en vervolgens via Arras, Abbeville naar le Tréport gereden.

Helaas was hier de camperparkeerplaats overvol, hetzelfde gold voor Dieppe en  St.Valery en Caux.

Maar in Veulettes was nog ruimte genoeg op de grote parkeerplaats vlak aan zee en we ontdekten een paar honderd meter verder nog een kleinere GOP uitgerust met een Station Blue waarvoor de munten bij het VVV-kantoor of op de camping gehaald konden worden. In ieder geval is er overdag een geopende WC en zijn de winkels op loopafstand.

 

De volgende dag reden we via Fecamp ( afgestampt druk met campers ), Tancarville ( tolgeld € 2,30  voor de brugpassage ) ,Caen, Avranches, Pontorson naar Cherrueix. Cherrueix ligt aan de Baai van Mont Saint Michel en net binnen de grenzen van Bretagne.

Vanaf de staanplaats op de dijk  hadden we een fraai uitzicht op zee en van verre op de toeristische trekpleister Le Mont St Michel. Op de dijk staan een drietal windmolens in diverse staat van restauratie en de zeezijde lijkt sterk op ons waddengebied met de typische zoutwaterbegroeing. Op vuilnisbakken na zijn hier geen voorzieningen.

 

De 3e dag reden we via Cancale naar Saint Coulomb, hier vonden we een fraaie plek op een parkeerplaats van het Parc Naturel Dunes de Ile Desnard. Ile Desnard is een schiereiland en de parking is juist op de smalle verbinding met de vaste wal zodat je aan beide kanten water hebt.

Door het ook hier grote tijverschil is het verbazingwekkend wat er bij eb allemaal te voorschijn komt.

Aanwijzing: volg richting camping Chevrets en rij camping voorbij einde weg is parkeerplaats. Geen voorzieningen wel afvalbakken. Hier zijn fraaie natuurwandelingen te maken.

 

Weer een dag later kwamen we via St.Malo, Dinard,Ploubalay,St.Jacut de la Mer, St.Cast de Guildo, Matignon, Pleneuf Val Andre, St.Brieuc en St. Quay-Portrieux naar Plouha. Voor Plouha afslaan naar Plage le Salud, hier is plaats voor ca 50 campers. Er is een Station Blue ( 2 Euro ), wat restaurants maar geen kruidenier of bakker. De GOP is een deels verharde parkeerplaats aan het stenige strand.

 

De volgende dag reden we naar de zuidkant van Bretagne via Guincamp, Chateaulin, Quimper, Pont L’Abbé naar het schiereiland van Penmarc’h, naar de gemeente St.Guénolé.

De gemeente Penmarc’h bestaat uit 5 dorpen, welke alle 1 of 2 plekken hebben waar het overnachten met de kampeerauto is toegestaan. Sommige plaatsen liggen wat van het strand af maar bieden alle prima uitgaanspunten voor uitstapjes. Deze zijn zowel te voet als op de fiets te maken.Sommige overnachtingsplaatsen zijn voorzien van openbare toiletten maar zeker van afvalbakken.

In St.Pierre staan 3 vuurtorens van verschillende hoogten en bouwjaren achter elkaar, op de dagelijkse markt aan de voet van de grootste vuurtoren, de Phare d’Eckmühl, wordt fraai kantwerk aangeboden en bekijk ook eens de gerestaureerde roeireddingsboot en bedenk dat in zulke notedopjes  redders hun leven waagden om opvarenden van schepen in nood te hulp te komen.

Hier vindt u ook het VVV-kantoor. Haal wat brochures want hierin staat een lijst van de dagelijkse markten in de omgeving waarvan vooral die in Le Guilvenec, op zondag, het bezoeken waard is.

In Guénolé is op werkdagen het binnenvaren van de vissersvloot iedere middag en het aanlanden en veilen van de vis een bijzonder schouwspel. De talloze soorten en afmetingen van de gevangen zeedieren is iedere keer weer verbazingwekkend.

In Guénolé is ook een interessant museum met prehistorische vondsten uit de steentijd tot aan de Gallo-Romeinse periode.

Wind en golfsurfen wordt veel gedaan aan het strand van Tors-Carn, waar op sommige dagen werkelijk hoge golven vanuit de Atlantische Oceaan komen aanrollen. Fantastisch om te zien hoe de jeugd de golfkammen weet te berijden. Hier zijn ook een paar goede, eenvoudige niet al te dure restaurants met porties aangepast aan de smaak van de hongerige jongelui. 

Wij bleven in dit gebied ruim een week camperen en verbaasden ons over het feit dat terwijl het aan de noordkant van Bretagne toch redelijk druk was met kampeerauto’s, het hier,aan de zuidkant veel rustiger was en we bijna alleen Franse camperaars aantroffen. De jeugd in de buurt van het surfstrand en de ouderen meer in St.Pierre of aan het strand van Le Guilvenec. Ook de grotere plaatsen in de buurt zijn een bezoek waard.Pont L’Abbé heeft een oud centrum met veel oude vakwerkhuizen en een Station Blue op het parkeerterrein van een grote supermarkt, maar ook een officiële GOP met een servicestation bij het station.

Maar ook  de steden Quimper, Audierne, Douarnenez en de Pointe de Raz zijn een bezoek waard.

We namen afscheid van het schiereiland en reden naar Concarneau, ook een bezienswaardigheid. Bij het sinds kort stilgelegde station is een GOP met verzorgingseenheid maar wij zochten een plaatsje aan de zuidkant van het ommuurde middeleeuwse stadje aan de andere kant van de rivier. Hier is ook een grote parkeerplaats, met toilet en afvalbakken en je staat aan de invaart van de haven. Een pontje vaart iedere 10 minuten naar het ommuurde stadje, de Ville Close, dat volgebouwd is met restaurants en winkeltjes. Via een brug is de rest van de stad te bezichtigen.Op onze parkeerplaats staat ook een standbeeld van de Franse Admiraal Duquesne, die in 1676 slag leverde met onze Admiraal de Ruyter bij Sicilië, Syracuse, waarbij onze zeeheld dusdanig gewond werd, dat deze overleed. In mijn geschiedenisboek staat dat de Ruyter overwon maar de Fransen denken daar blijkbaar anders over want op het standbeeld staat dat Duquesne de overwinnaar was.

 

Een dag later vonden we de GOP-plaats in Pont Aven op deze parkeerplaats kan gratis worden geloosd en water getankt en natuurlijk de vuilniszak worden gedeponeerd. Pont Aven is een soort Bergen ( NH ) maar dan met veel meer kunstenaars .

Nadat Paul Gauguin samen met anderen hier de school van Pont Aven stichtte en zijn twee avant-gardische schilderijen produceerde is dit stadje aan de rivier de Aven beroemd geworden en gebleven.Ook de boterkoekjes, de galettes zijn zeer bekend en smakelijk. Je vindt er romantische doorkijkjes en enkele tientallen galerieën  met steeds weer andere manieren van schilderen en natuurlijk de bijbehorende prijzen.

Maar schilderijenliefhebber of niet, een dag is hier snel doorgebracht.Langs de rivier loopt een weg naar het strand.

 

De volgende dag reden we naar het schiereiland van Quiberon. Hier is een GOP te vinden op de nauwte bij Penthieve, bij de souvenierwinkel. Er is plaats voor een 10-15 kampeerauto’s maar de meeste plaatsen zijn wel erg ongelijk zodat je veel hout en keggen nodig hebt en je staat op puur zacht zand. Op een 400 meter afstand is een openbare wc beschikbaar. Op Quiberon vond in 1795 een invasie plaats van naar Engeland uitgeweken franse vluchtelingen, die het franse koningshuis weer wilden herstellen. Alle ruim 10.000 deelnemers kwamen om het leven tijdens de gevechten met het republikeinse leger of werden later terechtgesteld na de overgave en vernietiging van het binnenvallende leger. 

 Helaas werden we voor een ziek familielid naar huis geroepen en konden dus geen wandeling over het schiereiland maken of een tocht langs de Côte Sauvage. 

 

We moesten jammer genoeg onze vakantie een paar dagen eerder beëindigen dan gepland. Om de drukte rond Parijs te vermijden besloten we om via Rouen naar huis te rijden. Onze route ging over Rennes, Caen naar Lisieux. In St.Désir de Lisieux vonden we een keurige rustplaats bij een Duits Soldatenkerkhof. Water en afvalbakken aanwezig. De volgende dag reden we via Rouen, Abbeville, Arras, Lille, Antwerpen weer naar huis.

 

Tijdens ons Bretagne-bezoek bezochten we ook diverse campings, geen van deze campings was vol, overal was voldoende ruimte en waren kampeerauto’s welkom.Prijzen inclusief elektriciteit vanaf  € 16,- p/n. Wij waren in Bretagne gedurende de laatste week van Juni en de eerste 12 dagen van Juli. 2003

 

Informatief

 

Michelin ; “De Groene Gids” Normandie & Bretagne

Michelin;  Gele Kaarten, No 304, No 303, No 316

IGN; Institut Geographic National,  France 2003

ANWB; Routekaart ,  Frankrijk

Office de Tourisme; Plan de Ville de Penmarch

Facile en Route 2001, 2003

ACSI Int.Campinggids 2000